Bezuinigen op meubilair nieuw stadskantoor

Zijlpoort1

€ 1,15 miljoen moet het meubilair (wanden, tafels, kasten, etc.) voor het nieuwe stadskantoor Zijlpoort aan de Gedempte Oude Gracht gaan kosten. Afgelopen donderdag stelden wij in de commissie Bestuur voor om hierop 5 tot 10% te bezuinigen. Verantwoordelijk wethouder Mooij (VVD) ontraadt deze bezuiniging.

Het bedrag van € 1,15 miljoen is eerder vastgelegd in het investeringsprogramma van de Gemeente Haarlem. Destijds werd uitgegaan van een groter aantal ambtenaren en dus ook meer etages die ingericht moesten worden. Nu er minder werkplekken gerealiseerd hoeven te worden, willen wij kritisch kijken naar het budget. We krijgen nu minder voor hetzelfde geld, dat kan niet de bedoeling zijn. Zeker als we iedereen in de stad vragen de broekriem aan te halen, moeten we ook bereid zijn onszelf een taakstelling op te leggen!

Vier jaar oppositie… een terugblik

Als we de cijfers van de afgelopen vier jaar op een rijtje zetten, dan ziet het er niet fraai uit. De vaste schuld van Haarlem is opgelopen van € 440 mln. naar €590 mln. De Algemene reserve is geslonken van € 42 mln. naar € 23,6 mln. De bestemmingsreserves zijn geslonken van € 74 mln. naar € 17,6 mln. en qua woonlasten is Haarlem gestegen van de 18de naar de 10de plaats van grote gemeenten.

Natuurlijk is dit niet alleen te wijten aan het college of de coalitie. De crisis heeft ook Haarlem geraakt. De vraag is echter of het college gegeven de omstandigheden naar vermogen heeft gepresteerd. Of het in deze storm scherp genoeg aan de wind heeft gezeild.

Onze belangrijkste kritiek op het huidige college is het gebrek aan budgetdiscipline. Te vaak zijn uitgaven gedaan, zonder dat deze door de raad vooraf waren goedgekeurd. De volledige raad heeft hierover een motie van ongenoegen aangenomen. Toen de accountant vervolgens bij de jaarrekening constateerde dat miljoenen aan uitgaven niet tijdig aan de raad waren voorgelegd heeft de oppositie hierover een motie van afkeuring ingediend. En toen bleek dat een miljoenen overschrijding op het Stationsplein maanden onder de pet was gehouden, heeft de voltallige oppositie een motie van wantrouwen ingediend. Als we als gemeenteraad collectief verantwoordelijkheid moeten nemen voor zware bezuinigingen die vele Haarlemmers raken, dan kan het niet zo zijn dat de raad niet langer het gevoel heeft op die uitgaven te kunnen sturen. Het CDA Haarlem roept het volgende college dan ook op om ten aanzien van de financiële discipline actief in te zetten op het versterken van vertrouwen tussen college en raad, tussen bestuur en Haarlemmers.

Zoals gezegd heeft deze coalitie het schip Haarlem door een woelige storm moeten loodsen. Een sterk evenwichtig college is het echter niet gebleken. Tijdens de rit zijn twee wethouders en een gemeentesecretaris overboord gevallen. En waarschijnlijk had het college scherper aan de wind kunnen zeilen als de coalitiepartijen minder met elkaar ruzie had hoeven maken over wie de touwtjes in handen heeft. Al dat gekissebis over een pontje of andere onderlinge ruzietjes. Had die tijd niet beter gestoken kunnen worden in het tijdig kostendekkend maken van de bouwleges of het terugbrengen van de formatie in de fysieke sector die nu niet meer op projecten kan schrijven? De crisis kunnen wij ze niet aanrekenen, maar wel dat op deze punten het schip niet snel genoeg is bijgestuurd.

Er is veel tijd en geld gaan zitten in de gebiedsvisies, zonder dat dit tot resultaten heeft geleid. De verhuizing van Flinty’s heeft ondanks herhaaldelijk aandringen uit de raad geen prioriteit gekregen en moest uiteindelijk haastig verhuizen in verband met de subsidie Stationsplein. En er is een enorme post aan productieverlies als gevolg van de reorganisaties, bovenop de al begrote frictiekosten. Wie het coalitieakkoord nog eens naleest ziet nog tal van ambities die niet zijn gerealiseerd. Deels omdat hier geen prioriteit aan is gegeven of omdat andere keuzes zijn gemaakt. Maar eerlijk is eerlijk, grotendeels omdat de crisis nog vele malen groter bleek te zijn dan vier jaar geleden voorzien kon worden.

Er is natuurlijk ook veel goed gegaan. Bijvoorbeeld de nieuwe subsidiesystematiek. Eerst zelf bepalen welke doelen je wilt bereiken en dan anderen vragen hoe zij denken daar aan bij te kunnen dragen. Zo hoort dat. In de begroting zijn grote bijstellingen gedaan, bijvoorbeeld op het vastgoed en de grondexploitaties. Afwaarderingen die pijnlijk, maar noodzakelijk waren. In de fysieke hoek zijn ook grote slagen gemaakt. De aanpak van het Slachthuisterrein, een reorganisatie van de afdeling Vastgoed en meer dan 20 bestemmingsplannen die vastgesteld moesten worden. Ook complimenten voor de voorbereidingen op decentralisaties. Lastig, omdat niemand weet wat er precies op ons af gaat komen, maar Haarlem heeft op dit punt niet stil gezeten.

Dan kom ik bij onszelf. Hoe kijkt het CDA Haarlem terug op de eigen vier jaar? Op een aantal punten hadden wij wezenlijk andere keuzes gemaakt dan dit college. De zondagsopenstelling. Het loten in het onderwijs. De aanpak van uitkeringsfraudeurs. Minder bezuinigen op handhaving en een betere verdeling van handhaving over de stad. Meeuwenoverlast eerder serieus nemen. Openbare speelruimte en speeltuinen een prominentere plek geven. Invalidenparkeerplaatsen niet doorbelasten en alleen indicatiestelling voor hulp bij het huishouden met een huisbezoek. Allemaal zaken waar we ons hard voor hebben gemaakt, maar helaas zonder het gewenste resultaat. Maar wij zijn ook trots op wat we als oppositiepartij wel hebben kunnen bereiken. Uiteraard altijd met steun vanuit andere partijen. Want niemand bereikt hier iets in zijn eentje. De resultaten:

  • Het kunstgrasveld van Haarlem-Kennemerland,
  • Inzet van BTW op sport voor de sport en zo samen met de PvdA dekking vonden voor de Duinwijckhal.
  • Geen verdere bebouwing kweektuinen Kleverlaan,
  • Geen korting op inzet straathoekwerkers,
  • Behoud van middelen voor bestrijding eenzaamheid en ‘meidenwerk’,
  • Aanpak van sluikreclame op bouwborden,
  • Gratis plek in betaalde fietsstalling voor ouderen,
  • Ondergronds parkeren als norm,
  • Behoud kinderboerderij bij kweektuinen Kleverlaan,
  • Betere gladheidsbestrijding (bij sneeuw), met name voor fietsers,
  • Meer openheid in het formatieproces,
  • En achterstallig onderhoud zien als schuld.

In deze opsomming hoor je ook de prioriteiten die de CDA-fractie zich bij aanvang van deze periode heeft gesteld. En ook voor de komende periode willen wij ons blijven inzetten voor veiligheid, zorg en samenleving. Als bezuinigd moet gaan worden op kerntaken, dan staat voor het CDA voorop dat de Haarlemmer erop mag rekenen dat de gemeente de eigen regels handhaaft. Niet alleen in het centrum en niet alleen als er opbrengsten tegenover staan zoals bij parkeren. Integrale handhaving, zoals met bikerteams, vergroot het gevoel van veiligheid en versterkt te relatie tussen gemeente en inwoner. Veiligheid gaat ook over het tegengaan van uitgaansgeweld en overlast rondom coffeeshops.

Dan de zorg. De gemeente krijgt in de komende jaren een steeds belangrijkere rol op het gebied van zorg. Voor kwetsbare mensen en voor kinderen met grote problemen of beperkingen. Het CDA zal altijd eerst kijken naar wat mensen zelf kunnen. Hoe mensen zelf naar elkaar om kunnen zien. Dat past bij onze uitgangspunten. Maar die mensen waar niemand naar omkijkt, die moeten op de gemeente kunnen rekenen. We zien nu al dat de hulp in het huishouden soms het enige contact is dat ouderen nog hebben. Als dit ook nog wegvalt slaat de vereenzaming genadeloos toe. Onze ambitie is dat iedere kwetsbare Haarlemmer minimaal één keer per week met iemand contact heeft. Dit wordt bij voorkeur niet vanuit de overheid georganiseerd. Maar voor die mensen die anders echt alleen blijven, daar moeten we onze verantwoordelijkheid nemen.

En samenleving. Het CDA staat voor minder overheid, meer samenleving. Dat betekent niet het afbreken van de verzorgingsstaat, maar wel het herstel van vertrouwen in wat mensen zelf met elkaar kunnen bereiken. Dat zien we terug in het verenigingsleven. De afgelopen jaren hebben we ons keihard ingezet voor de sport. Dat is niet alleen omdat sporten gezond is. Maar vooral ook omdat dit de plek is waar mensen een sociale context verwerven. Waar Haarlemmers zich als vrijwilliger inzetten. Waar jongeren zelfvertrouwen en discipline meekrijgen. In een ontzuilde samenleving is het verenigingsleven de plek waar Haarlemmers elkaar vinden en ook voor elkaar zorgen als dat eens een keertje nodig is. Dat geldt voor sportclubs, maar net zo goed voor koren, fanfares, scouting en kerken.

Voor het CDA hoeft Haarlem niet veel verder te groeien. Niet groter, sneller of meer. Wij koesteren de Haarlemse maat. En wij koesteren dus de veiligheid, de zorgzaamheid en het verenigingsleven in Haarlem.

Bezuinigingen op cultuur

Dit weekend verweet de vertrekkend directeur van het Frans Hals Museum, Karel Schampers, de gemeente Haarlem in het Haarlems Dagblad onbehoorlijk bestuur als er verder bezuinigd zou worden op zijn museum. De PvdA Haarlem viel hem gisteren al bij, geen bezuinigingen op cultuur. Maar waarop dan wel? Zorg? Veiligheid? Sport? Als CDA Haarlem onderkennen wij het belang van kunst. Voor mensen, voor de stad. En we zien ook de klasse van het Frans Hals Museum en De Hallen. Maar met meer dan € 3 mln. subsidie per jaar voor het Frans Hals Museum en De Hallen, zullen ook zij de komende jaren, net als alle anderen moeten inleveren. Als Haarlem € 10 mln structureel moet bezuinigen, dan zijn wat ons betreft zorg en veiligheid de eerste kerntaken van de gemeente.